Muzikale chemie

We zitten in de zaal.

Langzaam maar zeker raken alle stoeltjes om ons heen bezet. Er wordt gepraat, zacht gelachen. Een gevoel van plezierige spanning ligt als een dekentje op onze schouders. Niet te zwaar, precies goed.
Op het podium staan gitaren in allerlei soorten en maten blij gestemd te wachten op hun grote moment. Aan de zijkant staat een zwarte vleugel, de toetsten gepoetst en al even goed gestemd. De sfeer zit er al goed in.
Een podiumknecht zet voorzichtig enkele glazen water klaar, opdat de zangkeeltjes optimaal bevochtigd en gesmeerd zullen blijven.

De momenten van gespannen afwachting duren voort en zijn ook heel belangrijk. We hebben er zin in, krijgen er steeds meer plezier in, en we hebben zoiets van ‘Laat het maar gebeuren!’.

De achtergrondmuziek wordt zachtjes gedraaid zodat het geroezemoes in de zaal even volop in de belangstelling komt. en meteen valt het zaalvolume de helft terug. Als ook het licht wordt gedimd valt ook de andere helft van het zaalvolume weg, zodat een afwachtende stilte overblijft.
Dan gaan de spots op het podium aan, en de artiesten doemen uit het donker op. Er is applaus, de artiesten buigen en nemen hun plaats in.

De openingswoorden van Fernando Lameirinhas verbinden het publiek, we worden deelgenoot van wat staat te gebeuren. Hij neemt ons mee op reis.
Als de muziek begint zijn we niet alleen luisteraars, we zijn deelgenoot geworden.

De persoonlijkheden, de muziek, de emotie, dat alles bindt en verbindt ons. We maken deel uit van het geheel. Ook al verstaan we misschien niet alles, door de inleidende woorden weten we toch waar de veelal Portugese teksten over gaan. En je hebt niet altijd de woorden nodig, de stemming van het lied wijst je al de goede richting.

Als je ziet hoe de mensen geraakt en betrokken worden, hoe iedereen mee kan op de muzikale stroming, dan weet je het: dit is pas chemie!

Als alles bij elkaar komt, muziek, tekst, emotie, betrokkenheid,  het ‘deelgenoot zijn’, dan kunnen er grootse dingen gebeuren!

Samen spelen

Het is moeilijk je voor te stellen dat er geen muziek zou bestaan. Al zolang mensen zich herinneren, ver terug in de menselijke geschiedenis, wordt er gezongen.  Aanvankelijk waarschijnlijk met klanken, later met woorden. Waarschijnlijk, want details zijn uiteraard niet bekend.
En al bijna even vroeg in onze geschiedenis hebben mensen van alles gebruikt om zich te begeleiden. Trommels, ritme-intrumenten van boomstammen, trommels van hout, stokken, dierenvellen, noem maar op.
Muziek en dans speelden bij de vroege mens een belangrijke rol in het leven van alle dag, maar zeker ook bij belangrijk gebeurtenissen en allerlei ceremonies.
Wat dat betreft is er misschien niet zoveel veranderd. Muziek speelt nog steeds een erg belangrijke rol in ons leven, een wereld zonder muziek is je eigenlijk niet voor te stellen.

En, logisch, dat geldt dus ook voor mij.

Ik houd ervan met muziek bezig te zijn. De klanken van een mooi muziekstuk kunnen je omspoelen, je meenemen, tillen je op. Als je je laat meevoeren op muzikale klanken lijkt het alsof je zorgen verminderen, minder ernstig worden. En misschien is dat ook wel zo. Muziek verzacht, ook al is het maar éven, je ‘harde buitenkant’.

Het is ook heel bijzonder om zelf muziek te maken. Zingend of spelend, dat maakt eigenlijk niet zo heel veel uit.

Ik zing in zanggroep ‘Puur’  en ik speel wat op verschillende instrumenten. Dat kan bij ‘Puur’ de gitaar zijn, de piano, de djembé of de blokfluit. Sinds een jaartje bij de Stadspijpers van ‘s-Hertogenbosch, op de nicolo, te tenor-pommer. Het voelt heel prettig als je staat te studeren op een muziekstukje, als je door de eerste moeilijke momenten heen bent.  Want het lukt echt niet allemaal meteen.

Maar het moment dat je samen met anderen speelt, als jouw klanken zich gaan voegen in het totaal van klanken dat je samen produceert, dan wordt het echt muziek. Wat je in je eentje niet voor elkaar krijgt, dat lukt samen. En dat is heel bijzonder. Tilt het muziek-beluisteren je al op, zelf meedoen verheft je nog net iets meer.
En het is prachtig te ervaren hoe alle klanken samenkomen.  Verschillende instrumenten, hoog en laag, gevarieerde kleuring, alles draagt bij tot een fantastisch geheel.

Vroeger, toen ik nog een kinderkoor begeleidde, zong het koor een lied met de regel ” Samenspelen is pas fijn”. Daar valt eigenlijk weinig aan toe te voegen.

Vormen

Ik heb het schildersezeltje uitgeklapt, het doek staat gereed. Het rekje met kwasten in allerlei soorten en maten staat uitnodigend te wachten. Lange en korte kwasten, dikke, dunne en héél dunne.
Op een speciaal velletje papier druk ik worstjes verf uit verschillende tubes. Verschillende kleuren, want ik houd ervan veel en felle kleuren te gebruiken. Er is al genoeg zwart-wit, per slot van rekening.

Uit het kwastenrekje kies ik de eerste kwast. Niet al te dik, niet al te dun.
De kwast doop ik voorzichtig in de verf. Boven het doek aarzel ik even.
Er is geen plan, nog geen echt idee. Ik weet nog niet wat mijn schildersavontuur me gaat brengen.
Ik kan nog alle kanten op.
Dan tikt de punt van de kwast zachtjes het doek aan. De eerste tip, de eerste verfstreek verschijnt. Het begin is er, en nu wil ik het laten gebeuren.

Er ontstaat een lijn. Met mijn ogen volg ik wat er gebeurt.  Nieuwsgierig, vol spanning. Ik ben benieuwd waar de lijn naar toe zal gaan. De lijn wordt een vorm. Een naamloze vorm, met gebogen lijnen.

Zo werk ik het liefst. Laat het moment, mijn gevoel maar bepalen wat er gaat gebeuren.

Soms begin ik met een vaag idee, maar hoe het verder gaat vanaf het moment dat de kwast de eerste stip zet blijft een avontuur. Het is heel goed mogelijk dat het vage idee meer vorm krijgt. Het kan ook zo maar iets heel anders worden. Soms wordt het een mooi verhaal, soms ook niet. Maar je kunt gelukkig altijd opnieuw beginnen!

Naarmate meer lijnen en vormen samenkomen ontstaan, er figuren of patronen. Die nodigen me uit, nemen me dan mee, en samen ontdekken we nieuwe wegen, nieuwe uitdagingen op het doek, nieuwe ontdekkingen in mezelf.

Het is een spannend avontuur, vol verrassingen!

Dat mag er gekleurd op

Ik zat laatst te bladeren in een meubelboek. Een dik boek, vol met allerlei stoelen, tafels, kasten, bedden. Je kent dat wel. De ene nauwkeurig ingerichte kamer na de andere staart je door de glossy pagina’s aan. Kamers, zo zorgvuldig ingericht, dat je je moeilijk kunt voorstellen dat er ook mensen in komen.
Wat me opvalt aan veel van de uitstallingen in het boek,  is de strakke belijning en het sombere kleurgebruik. Veel zwart of donkerblauw,  grijs of wit. Doorzichtig glas. Grote, grove vormen.

In de voorbeeldkamers in het boek zijn de muren leeg, gevuld met kasten, of gesierd met strakke vormen en gedekte kleuren. Soms zijn de muren wit, soms in een op de donkere meubels aangepaste tint. En heel vaak al even donker.

Ik vraag me dan af in hoeverre dit meubelboek de echte wereld benadert.
Zijn wij dit? Zijn we echt zo zwart-wit aan het worden? Zo somber, kleurloos, monotoon? Als ik de media beluister en bekijk, dat zou het best kunnen. Heel veel zwart-wit. Heel veel erg versimpeld.

Misschien moeten we weer wat losser worden. Meer genuanceerd, meer variatie en verrassing.
Minder hangen op de bank, minder mopperen en zeuren. Minder in patronen leven en denken.  Minder in vaste gewoontes, minder vaste procedures.  Meer nadenken over de kern van dingen. Waar het eigenlijk om gaat.

En tijd om weer wat meer kleur in ons leven te brengen. Leuke dingen doen, mensen ontmoeten, samen dingen beleven.  Onverwachte, spannende activiteiten opzoeken. En vooral: Kleur in huis brengen. Als je houdt van donkere meubels, breng dan op z’n minst kleur op de vloer, je lijf, of kleur aan de muren.

Meer kleur in je leven maakt je vrolijker, levendiger, luchtiger. En is dat niet precies waar we allemaal behoefte aan hebben?

 

Mooie dingen

We zijn het afgelopen jaar overspoeld door negatieve berichten. Kranten, televisie, internet. Media genoeg om negatieve berichten te herhalen en te herkauwen. Maar het is genoeg.
Na een jaar van doemdenken, crisisdenken, zwartepieten, zeuren en andere negativiteit wordt het tijd om alles weer eens fris te bekijken.
Tijd voor iets nieuws…

Laten we eens wat meer oog hebben voor de mooie dingen om ons heen. En die zijn er, echt waar, genoeg. Je moet het willen zien, misschien moet je er even je best voor doen.

Laten we maar eens ophouden met zoeken naar dingen die niet goed zijn gegaan, niet gelukt zijn, waar dingen letterlijk niet of niet voldoende uit de verf zijn gekomen. Er is zoveel dat wél lukt.

Laten we eens wat meer genieten van de mooie dingen.

Een goed gesprek, elkaar met liefde, begrip en belangstelling ontmoeten.

Laten we eens wat meer oog hebben voor de mooie dingen.

De wereld om ons heen, onze aarde, de natuur

Maar ook cultureel, wat mensen doen en maken.
Bijvoorbeeld een boek, dans, het theater, een film, toneel.
Genieten van muziek, als luisteraar, muzikant of componist.
Foto’s, schilderijen, beelden en sculpturen. Er is zoveel.

Laten we eens wat meer genieten van al die mooie dingen.

Als we meer oog hebben voor de mooie en goede dingen in het leven, dan wordt het allemaal leuker en prettiger.
De scherpe kantjes gaan er af. Er is meer warmte om ons heen, met elkaar.

De mooie dingen zitten niet altijd in groter, harder, duurder, meer. Soms gewoon in heel kleine dingen, of zelfs in een moment van stilte om je heen.

Je mag waardering hebben voor wat je maakt, wat je doet, wie je bent.  En dat mag je ook in anderen zien. Waardering hebben voor wat iemand maakt, wat iemand doet, wie iemand is.

Bekende boodschap? Waarschijnlijk wel. Afgezaagd of niet meer van belang? Denk het niet.